Opera Bouffe

Een opéra-bouffe is een genre van Franse komische operettes uit het midden tot eind 19e eeuw. Het staat bekend om zijn satirische, lichte en vaak absurde karakter, met gesproken dialogen, dans en muziek

De oorspronkelijke Schinderhannes bestaat uit ongeveer 40 liedjes in Roermonds dialect, die Emile Seipgens in 1864 schreef. Hij gebruikte daarvoor bekende opera-
en operettemelodieën. Hij laat daarin het verhaal zingen van de populaire Duitse rover Johannes Bückler, die door het volk Schinderhannes werd genoemd. Hij verbond deze “volksheld” met het klassieke Faust-thema: de ziel verkopen aan de duivel om bovennatuurlijke wensen te vervullen, en succes was en is tot op de dag van vandaag verzekerd.

Deze zogenaamde opera-bouffe duurde nog geen uur en werd meestal als toegift op een concertavond opgevoerd. Elke generatie heeft zo zijn eigen invulling aan Schinderhannes gegeven. In Roermond en ook op andere plaatsen werd het werk sinds 1865 regelmatig, ongeveer om de 7 jaar, opgevoerd. De liedteksten van Seipgens heeft men altijd onveranderd gelaten, maar voor een goed begrip moest een en ander met spreekteksten worden uitgebreid.